Vaccinaties

Terug

Honden

De laatste jaren is er veel discussie gevoerd over het nut van vaccineren bij mensen, maar ook bij dieren. Honden en katten worden in Nederland gevaccineerd tegen een aantal ernstige infectieziektes. Zo worden honden jaarlijks ingeënt tegen de ziekte van Weil en één keer in de drie jaar tegen parvo, hondenziekte en hepatitis. Verder kunnen honden daarnaast nog gevaccineeerd worden tegen kennelhoest d.m.v. een neusdruppel en tegen rabiës (hondsdolheid).

Ziekte van Weil

Wij adviseren om uw hond jaarlijks te vaccineren tegen de ziekte van Weil. Het is helaas nog niet mogelijk om een betrouwbare antistoffentiter te bepalen van deze ziekte. We vaccineren in Nederland tegen de vier meest voorkomende Leptospira (de bacterie). De ziekte wordt overgedragen via wilde dieren. Knaagdieren kunnen leptospira uitscheiden via de urine zonder dat zij hier ziek van zijn, maar ook bijvoorbeeld runderen en varkens kunnen besmet worden. Als een hond eet van een geïnfecteerd kadavers of drinkt uit besmet stilstaand water/modderpoel kunnen zij hier heel ziek van worden. De ziekte van Weil is ook besmettelijk voor mensen en tast net als bij honden onze lever, nieren en andere organen aan.

Parvo, hondenziekte en hepatitis

Het combinatievaccin tegen parvo, hondenziekte en hepatitis noemen we ook wel ‘’de grote cocktail.’’ Uw hond krijgt deze vaccinatie één keer in de drie jaar.

Besmettelijke hondenhoest/kennelhoest

Het is mogelijk om te vaccineren tegen besmettelijke hondenhoest, vroeger ook wel kennelhoest genoemd. Dit vaccin bevat naast Parainfluenza ook Bordetella. Deze neusdruppel geeft een jaar lang bescherming tegen de kennelhoest. Het is niet mogelijk om op deze ziekte te titeren. Het is verstandig om ook honden te vaccineren die niet naar de kennel gaan. Hoewel de naam dat doet vermoeden, wordt kennelhoest namelijk niet alleen overgedragen in kennels (pensions), maar ook op shows, hondenscholen, uitlaatweides en tijdens de uitlaatservice.

Pups

Pups zullen we of vaccineren op 6 weken tegen hondenziekte en parvo, op 9 weken tegen de ziekte van Weil en parvo en op 12 weken tegen Weil, parvo, hepatitis en hondenziekte of volgens een strak schema titeren. Pups krijgen via de melk antistoffen tegen parvo, hepatitis en hondenziekte binnen. Zodra de antistoffen in het bloed afnemen loopt uw pup risico om 1 van de ziekten op te lopen. Het tijdstip van afname van antistoffen varieert enorm per pup en is afhankelijk van vele factoren, bijvoorbeeld de melkopname. Dit houdt in dat we de pups vanaf 6 weken oud iedere drie weken titeren totdat de maternale antistoffen uit het bloed zijn en we zeker weten dat de vaccinatie aanslaat. Zolang er namelijk nog antistoffen in het bloed aanwezig zijn vanuit de moedermelk (maternaal) zal de vaccinatie weinig tot niets doen. Dat houdt in dat bij uitzondering bij sommige pups die op 12 weken gevaccineerd worden de vaccinatie niet goed aanslaat omdat deze nog maternale antistoffen in het bloed hebben. Om zeker te weten dat de pup beschermt is zou je deze op 15 of 16 weken nog eens kunnen titeren.

Basisvaccinatieschema of momenten om te titeren:

Leeftijd Vaccin
6 weken Nobivac Puppy DP
8 – 9 weken Nobivac Lepto + Nobivac Parvo-C + Nobivac KC
12 weken Nobivac DHP + Nobivac Lepto
1 jaar Nobivac DHP + Nobivac Lepto + Nobivac KC
Voor de rabiësvaccinatie, vanaf 12 weken, gebruiken wij Nobivac Rabiës.

Jaarlijks vaccinatieschema: met verhoogd risico op kennelhoest waarbij de DHP vaccinatie dus vervangen kan worden door op dat moment een titerbepaling uit te voeren

Leeftijd Vaccin
2e jaar Nobivac Lepto + Nobivac KC
3e jaar Nobivac Lepto + Nobivac KC
4e jaar Nobivac DHP + Nobivac Lepto + Nobivac KC
5e jaar Nobivac Lepto + Nobivac KC
6e jaar Nobivac Lepto + Nobivac KC
7e jaar Nobivac DHP + Nobivac Lepto + Nobivac KC
8e jaar, enz. Nobivac Lepto + Nobivac KC
Voor de rabiësvaccinatie gebruiken wij Nobivac Rabiës.

Ook na het 8e jaar gaat de cyclus jaarlijks door zoals beschreven in het schema hierboven.

Jaarlijks vaccinatieschema: met laag risico op kennelhoest waarbij de DHP vaccinatie dus vervangen kan worden door op dat moment een titerbepaling uit te voeren

Leeftijd Vaccin
2e jaar Nobivac Lepto
3e jaar Nobivac Lepto
4e jaar Nobivac DHP + Nobivac Lepto
5e jaar Nobivac Lepto
6e jaar Nobivac Lepto
7e jaar Nobivac DHP + Nobivac Lepto
8e jaar, enz. Nobivac Lepto

Ook na het 8e jaar gaat de cyclus jaarlijks door zoals beschreven in het schema hierboven.
Voor de rabiësvaccinatie gebruiken wij  Nobivac Rabiës.

 

Katten

 

De laatste jaren is er veel discussie gevoerd over het nut van vaccineren bij mensen, maar ook bij dieren. Honden en katten worden in Nederland gevaccineerd tegen een aantal ernstige infectieziekten.

Katten worden gevaccineerd tegen kattenziekte en niesziekte. Ook bij katten is onderzoek gedaan naar de duur van de bescherming en er is gebleken dat het vaccin tegen kattenziekte minimaal drie jaar bescherming geeft. Het is mogelijk om antistoffen tegen kattenziekte in het bloed te bepalen en aan de hand daarvan te kiezen wanneer het juiste tijdstip is om te vaccineren. Wij doen deze bloedtest niet in huis, maar sturen het op naar een gespecialiseerd laboratorium. De vaccinatie tegen niesziekte geeft maar voor één jaar bescherming en moet daarom wel elk jaar gegeven worden, voor niesziekte bestaat geen titerbepaling.

Het belangrijkste is dat uw dier een jaarlijkse gezondheidscontrole krijgt, met daarbij een aangepaste vaccinatie. Dieren kunnen niet praten en aangeven dat er iets niet in orde is. Door jaarlijks uw dier goed na te kijken en het gewicht te controleren kunnen in een vroeg stadium gezondheidsproblemen opgespoord worden En hoe eerder een ziekte of aandoening gevonden wordt, hoe eerder er een behandeling ingesteld kan worden. Op die manier wordt de kans veel groter dat uw dier gezond oud wordt.

Daarnaast is het mogelijk om katten te vaccineren tegen een bepaalde vorm van niesziekte, die vooral voorkomt bij intensief contact zoals in catteries en pensions. Dit is het Bordetella vaccin (Bb). Het wordt gegeven in de vorm van een neusdruppel en geeft een jaar bescherming. Wij adviseren dit te geven aan katten die naar een pension gaan.

Dieren die naar het buitenland gaan moeten volgens de wet ingeënt worden tegen hondsdolheid. Voor deze vaccinatie is aangetoond dat het voldoende bescherming geeft voor drie jaar. Landen buiten de EU kunnen eisen dat een dier nog wel elk jaar gevaccineerd moet worden.

Er is dus met onderzoek aangetoond dat het niet meer nodig is om alle vaccinaties elk jaar te geven. We kunnen nu voor elk dier een vaccinatieschema op maat aanbieden. Het jaarlijks vaccineren blijft wel bestaan, maar wordt aangepast.

Dit houdt in dat ook het vaccinatieschema van de kat aangepast is. Elk jaar vaccineren tegen niesziekte en om de drie jaar vaccineren tegen kattenziekte of een titerbepaling laten doen.

 

Vaccinatieschema waarbij de kattenziekte component van de Tricat vaccinatie vervangen kan worden door titeren.

Leeftijd Vaccin
8 – 9 weken Nobivac Tricat (kattenziekte en niesziekte)
12-14weken Nobivac Tricat
1 jaar Nobivac  Tricat
Voor de rabiësvaccinatie, vanaf 12 weken, gebruiken wij Nobivac Rabiës.
Leeftijd Vaccin
2e jaar Nobivac Ducat (alleen niesziekte)
3e jaar Nobivac Ducat
4e jaar Nobivac Tricat
5e jaar Nobivac Ducat
6e jaar Nobivac Ducat
7e jaar Nobivac Tricat
8e jaar, enz. Nobivac  Ducat

Ook na het 8e jaar gaat de cyclus jaarlijks door zoals beschreven in het schema hierboven.

 

Fretten

Fretten worden gevaccineerd tegen hondenziekte van het merk Nobivac Puppy DP.
De eerste vaccinatie vindt plaats op 8 weken, en moet herhaald worden op 12 weken, dit is de basisvaccinatie. Daarna vindt een jaarlijkse hervaccinatie en controle plaats.

 

 Konijnen

Uw konijn kan gevaccineerd worden tegen Myxomatose en 2 variaties van het virus dat Viraal Hemorragisch Syndroom (VHS/RHD) veroorzaakt. Myxomatose wordt overgebracht door stekende muggen en vliegen en VHS via contact met de ontlasting/urine of speeksel van een besmet dier. Vorig jaar is er een 2e variant van dit virus uitgebroken onder de wilde konijnen in Nederland waartegen inmiddels ook een vaccin is ontwikkeld. Beide vaccins hoeven maar één keer per jaar gegeven te worden bij voorkeur in het voorjaar.

Myxomatose

Myxomatose is een Leporipox-virus (pokkenvirus) wat via vlooien en vooral muggenbeten verspreid wordt. Ook via direct contact met een besmet konijn kan de ziekte zich verspreiden. Als de ziekte uitbreekt, verspreidt het zich snel wat weer een groot gevaar voor uw konijn kan zijn.

De ziekte kenmerkt zich door huidbeschadigingen (vooral zwellingen), die 4-5 dagen na besmetting kunnen ontstaan. De oogleden kunnen verdikken zodat de ogen helemaal dicht kunnen zitten met wittige uitvloeiing uit de ogen. Er kunnen ook zwellingen aan de neus, lippen, oorbasis, genitalia en anus ontstaan. De ziekte is meestal dodelijk.

Als uw konijn de bovengenoemde ziekte verschijnselen heeft is het van belang dat u snel contact opneemt met uw dierenarts.

Uw konijn kan gevaccineerd worden tegen deze ziekte. Dit kan vanaf een leeftijd van 5 weken gegeven worden. Het vaccin geeft een jaar bescherming.

Wij gebruiken het nieuwe vaccin tegen Myxomatose én RHD1 én RHD2.

 

 

 


RHD Rabbit Hemorrhagic Disease(VHD Viral Hemorrhagic Disease)

RHD wordt ook door virussen veroorzaakt, namelijk door het RHD1 of RHD2 virus. Bij beide varianten sterven konijnen heel snel, vaak zonder dat er sprake is van ziekteverschijnselen. Soms hebben ze een periode  van een paar uur waarin ze sloom en lusteloos zijn. Het virus kan zich via direct contact maar ook indirect contact, zoals ontlasting, urine, insecten en besmet materiaal verspreiden. Het geven van planten aan uw konijn kan dus de ziekte veroorzaken.

De ziekte geeft acute bloedingen. Uw konijn kan ineens overlijden zonder verschijnselen. Soms wordt vlak voor de dood bloederige uitvloeiing uit de neus gezien. Andere verschijnselen zijn sloomheid, benauwdheid, gillen, knarsetanden en verminderde eetlust.

U kunt uw konijn ook tegen deze ziekte laten vaccineren. Wij gebruiken een combinatie- vaccin  tegen myxomatose en RHD 1 en 2, dit mag vanaf een leeftijd vanaf 5 weken gegeven worden. Het vaccin geeft een jaar bescherming.  Deze ziektes komen het meest voor in de zomer en het najaar, het beste moment om te vaccineren is daarom in het voorjaar.
De betere konijnen pensions hebben deze vaccinaties verplicht gesteld voor konijnen die komen logeren.

Buitenland

Honden, katten en fretten die naar het buitenland gaan moeten volgens de wet ingeënt worden tegen hondsdolheid. Voor deze vaccinatie is aangetoond dat het voldoende bescherming geeft voor 3 jaar. Dit houdt in dat dieren die in EU-landen op vakantie gaan, nog maar één keer in de drie jaar ingeënt hoeven te worden tegen hondsdolheid. Houdt er rekening mee dat andere landen ook bijkomstige eisen kunnen stellen, zoals bijvoorbeeld een afgetekende ontwormingsstatus in het paspoort.  Op internet kunt u goede informatie vinden over reizen naar het buitenland op de site van het Landelijk Informatie Centrum Gezelschapsdieren: www.licg.nl